S.V. Mariteam

Samen naar zee



Stage: Een uitdaging?

In tijden van crisis gaan mensen varen, dat is terug te zien in de aanmeldcijfers van de zeevaartscholen. Sinds 2008 is de instroom bijna verdubbeld. In eerste instantie was het beroepenveld hier blij mee: al jaren was er vraag naar meer Nederlandse zeevarenden. Om het beroep onder de aandacht te brengen is de campagne ‘zeebenen gezocht’ gestart en werd er enige tijd zelfs stage en baan garantie gegeven door de KVNR.

 

Helaas blijkt de crisis ook een keerzijde te hebben: het gaat slecht met de Nederlandse reders. Dit uit zich sinds twee jaar in wat wij noemen ‘stageproblematiek’. Voor de zeevaart student wordt het steeds lastiger een stageplek te vinden. Vooral binnen het mbo is het een groot probleem: hier zijn meer studenten actief dan in het hbo en er is een lichte trend gaande dat reders een voorkeur hebben voor een hbo-er. Zeker bij gespecialiseerde bedrijven is te zien dat de uitvoering van het werk van een officier steeds specialistischer wordt en een hoger opleidingsniveau vraagt van de uitvoerend officier.

 

Reders hebben het financieel zwaar en een stagiair is een investering. Sinds 2015 is er regelmatig overleg tussen alle zeevaartscholen (mbo als hbo en de zeevisvaart) met de KVNR (redersvereniging) over dit probleem. Veel opties zijn al besproken: een stageschip, meer simulatortijd in ruil voor vaartijd, numerus fixus voor opleidingen. Een oplossing vinden is complex omdat de organisatie van het zeevaartonderwijs en uiteindelijk het verkrijgen van de vaarbevoegdheid complex is. In Nederland is de vaarbevoegdheid vastgelegd binnen verschillende organen. Er is vastgelegd in de wet dat de zeevaartscholen opleiden, het departement ILT van het ministerie Infrastructuur en Milieu (Infrastructuur Leefomgeving en Transport) houdt in de gaten of de regels en wetten rondom de koopvaardij juist worden uitgevoerd en de instantie Kiwa geeft uiteindelijk de vaarbevoegdheid uit. Daarnaast is er nog een Europese organisatie de EMSA die controleert of het STCW conform de afspraken wordt uitgevoerd en nageleefd binnen onder andere de zeevaartopleidingen.

 

Deze organisatie borgt enerzijds de kwaliteit van het Nederlandse zeevaartonderwijs qua inhoud en uitvoering van het STCW (de hbo standaarden worden door het ministerie van Onderwijs gecontroleerd) maar het maakt het oplossen van het stageprobleem complex. Om bijvoorbeeld meer simulatortijd te laten tellen voor vaartijd zijn bij eerder genoemde instanties een aantal (wets)wijzigingen nodig. Dat kost veel tijd, en de vraag is dan tegelijkertijd wat de IMO hier van vindt. De vraag is of dergelijke wijzigingen op tijd komen: de tijd kan ons immers ook inhalen en de economie kan aantrekken waardoor het probleem zichzelf wellicht snel oplost. Maar lastig is het wel want hoe geef je voorlichting op een open dag? ‘Ja er is genoeg werk, maar het kan wat langer duren voor je diplomeert omdat je geen stage kan vinden’..

 

Een andere uitdaging is dat steeds meer Nederlandse reders uitvlaggen. Nederland is al jaren bezig met het formuleren van beleid / wetten over het beveiligen van schepen tegen piraterij. Daarnaast kan het voor een reder economisch voordeliger zijn uit te vlaggen. Voor hbo studenten is dit geen probleem: zij kunnen bij buitenlandse reders varen. Voor mbo instellingen ligt dit anders omdat zij een leer-werk overeenkomst moeten sluiten met de reder, dit is vanuit het onderwijs zo vastgelegd in de wet.

 

Binnen onze opleiding was er vorig jaar één student zonder plek, in de huidige groep die op stage zou moeten zijn hebben twee studenten nog geen pek. Als opleiding zijn we actief in het leggen en onderhouden van contacten met reders en kapitein-eigenaren. Daarnaast zijn we samen met het mbo bezig om de acquisitie richting reders te versterken in Nederland en hopelijk op termijn ook in het buitenland. Helaas kampen alle Noord-Europese reders met dezelfde problemen als Nederlandse reders, zeker nu de olieprijs slecht is en de offshore hier onder lijdt. Ook blijven we actief in het overleg met de KVNR. En soms is er ook een positieve ontwikkeling: zo zijn er dit jaar voor het eerst in jaren weer Nederlandse stagiaires aan boord van de vloot van Shell.

 

De stageproblematiek is een ingewikkeld vraagstuk waar we binnen de opleiding bijna dagelijks mee bezig zijn. Met sollicitatietrainingen, voorlichtingen en de contacten met het werkveld proberen we de studenten zo goed mogelijk de stagemarkt op te sturen, maar het blijft met vlagen een hoofdpijndossier. De gouden tip blijft welkom :)  


Marieke Klip.